Het verhaal van: Fred

Ik was het thuis zitten helemaal zat

Fred

Fred Renken, vrijwilliger én cliënt aan het woord

“Drie jaar geleden, in 2012, kreeg ik een hersenstaminfarct. Mijn hele leven was in één klap veranderd. Ik raakte halfzijdig verlamd en ik kon helemaal niets meer:  ik kon niet lopen, ik kon niet staan, ik kon me niet eens omdraaien in bed. De revalidatie heeft een jaar geduurd. Eerst heb ik een half jaar in het Sophia Revalidatiecentrum in Den Haag gelegen en daarna nog een half jaar in Delft. Toen ik weer enigszins op de been was, moest ik een herkeuring krijgen voor mijn rijbewijs, zodat ik nog wel kon autorijden in een automaat. Daarvoor moest ik naar een onafhankelijke keuringsarts, ergens in Zaandam. In het gebouw waar die arts zat, was ook een kantoortje van MEE. Daar ben ik toen naar binnengelopen voor wat meer informatie. Via de medewerker werd ik verwezen naar MEE in Zoetermeer, waar ik destijds nog woonde. Na mijn scheiding, nu een jaar geleden, verhuisde ik naar Delft en zo kwam ik terecht bij MEE in Delft.

Mijn consulent vroeg al vrij snel of ik wilde aansluiten als ervaringsdeskundige bij een lotgenotengroep. Daar zitten allemaal mensen met niet-aangeboren hersenletsel. Het is daar erg prettig omdat het zo veilig en vertrouwd voelt. We zijn onder elkaar met mensen die iets vergelijkbaars hebben meegemaakt. We komen één avond per maand bijeen. We wisselen ervaringen uit en we delen nuttige informatie. Wat mij betreft zou het veel vaker mogen. Ik vind het echt vervelend om thuis te zijn, daar komen de muren op me af en word ik verdrietig van alle ellende. Ik heb niet veel te doen, met mijn scootmobiel kan ik deur uit en ga ik soms ergens op visite voor een kopje koffie, mijn kinderen komen op bezoek en ik doe af en toe een boodschapje. Vroeger had ik wel wat hobby’s; ik ging vaak vissen, en ik was altijd bezig met radiografisch bestuurbare autootjes. Ook dat is veranderd. Hobby’s kosten geld en dat heb ik niet. Vóór mijn infarct was ik eigen baas. Ik had een stomerij, net als mijn vader. Ik werkte van ’s ochtends zes tot ’s avonds elf. Maar de zaak ging failliet en nu heb ik een enorme restschuld, én een bewindvoerder. Ik moet rondkomen van 50 euro per week. Gelukkig heb ik wel mijn hondje Fleur en houd ik van lezen. Stripboeken. Vooral Asterix en Obelix zijn mijn favoriet, dat zijn zulke mooie verhalen, met heel veel diepgang en humor.

Al snel was ik het thuis zitten helemaal zat. Dat zag mijn consulent ook en we zijn samen op zoek gegaan naar vrijwilligerswerk. Via Delft voor Elkaar kwam ik terecht bij wijkcentrum De Hofstee in Tanthof, waar ik woon. In het wijkcentrum ben ik nu iedere dinsdagochtend bij het computer-inloopspreekuur. Ik ben geen echte computergek, maar ik weet er wel aardig wat van. Aan de bezoekers van het inloopspreekuur vertel ik de  basis van mailen en surfen. Het zijn vooral ouderen die daar komen, met soms wel tien keer dezelfde vraag.

Het valt niet mee om nu zo afhankelijk te zijn van anderen als je altijd zo zelfstandig bent geweest als ik. Ik heb het nog steeds niet geaccepteerd. Maar ik ben blij dat ik nu weer iets te doen heb en dat ik mezelf nuttig kan maken. Gelukkig is er vooruitgang.”

Dit artikel is tot stand gekomen in samenwerking met Delft voor Elkaar. MEE Zuid-Holland Noord maakt deel uit van het netwerk Delft voor Elkaar.

 

Lees meer...