Het verhaal van: Erik

Accepteren. Dat is het moeilijkste.

23 oktober, 2014

ErikVier jaar geleden zat Erik Rooze (63) thuis aan tafel te puzzelen toen hij zich plotseling onwel voelde. Hij sleepte zich de trap op naar boven waar zijn vrouw aan het werk was. Een arts van de huisartsenpost kwam direct en stelde snel vast wat er aan de hand was. Een bloeddruk van boven de 200. ‘Man, je hebt een beroerte.’ Er volgde een acute ziekenhuisopname.

Erik was linkszijdig helemaal verlamd, maar slaagde er op eigen kracht in om daarvan te herstellen. De neuroloog van het ziekenhuis waar hij was opgenomen had hem namelijk gezegd dat hij weer naar huis mocht als hij van zijn bed naar het raam kon lopen.

‘Ik accepteerde de situatie niet en zette alles op alles om weer normaal te worden. Maar achteraf blijkt dat ik me in die eerste periode heb overbelast. ‘

Wonderlijk genoeg kwam hij pas na een jaar in een revalidatietraject terecht. ‘U had veel eerder moeten komen.’ Erik is nog steeds verontwaardigd over de gebrekkige communicatie tussen ziekenhuis en revalidatiecentrum die leidde tot het uitblijven van tijdige hulp en behandeling.

‘Mensen zien weinig aan me en denken dus dat er niets aan de hand is, maar alles kost me vreselijk veel inspanning. Ik ben ontzettend snel moe in mijn hoofd. Ik kan nog maar één ding tegelijk. Als ik de trap op loop moet je niet tegen me praten of me iets in handen geven. De drukte van onze kleinkinderen kan ik niet meer aan. De radio in huis verdraag ik niet. Ik heb moeite met lopen. Fietsen gaat niet. Ook emotioneel ben ik veranderd. Bij een zielig tv-programma kunnen de tranen ineens over mijn wangen stromen. Tegen mijn familieleden zeg ik soms dingen die niet door de beugel kunnen. Dat had ik vroeger nooit.’

Erik was technisch directeur bij een autobedrijf. Hij zat veertig jaar in het autovak maar werd volledig afgekeurd. Ook van de rallysport, al vijfentwintig jaar zijn grote hobby, moest hij afscheid nemen. Reizen naar het buitenland zijn onmogelijk geworden.

‘Hoe drukker je je maakt over het feit dat je een heleboel niet meer kunt, hoe meer je blokkeert. Accepteren. Dat is het moeilijkste. Ik kan niet meer alles zelf, zoals vroeger. Mijn kortetermijngeheugen werkt op een laag niveau. Wat gisteren besproken is, ben ik vandaag vergeten. Vroeger maakte ik voor mijn werk allerlei computerprogramma’s. Nu snap ik er helemaal niets meer van. Cijfergegevens van het bedrijf zijn onbegrijpelijk voor mij geworden. Het werkt bij mij niet meer. Ik kon daar enorm kwaad over zijn, maar gaandeweg heb ik ermee leren omgaan. Ik moet me gewoon aanpassen. Het is niet anders.’

Zijn MEE-consulent adviseerde hem en zijn vrouw om aan te sluiten bij een ontmoetingsgroep voor mensen met niet aangeboren hersenletsel en hun partners. Een goede tip waar Erik nog steeds dankbaar gebruik van maakt. ‘Door de gesprekken met anderen die dezelfde dingen meemaken voel je je niet meer alleen staan. Je hoeft niets uit te leggen. Iedereen snapt waar je het over hebt. Mijn vrouw heeft er ook veel aan gehad. Ze begrijpt precies wat er aan de hand is, ze ziet het aan me als ik te veel heb gedaan. En als ik weer eens een kop koffie uit mijn handen laat vallen dan vat ze dat laconiek op: “ We gaan even een nieuw bakkie zetten.”

Aan de andere kant: ik wil geen zielig persoontje zijn ik ben blij dat ik er nog ben en dat ik niet in een rolstoel zit. Het had allemaal anders kunnen lopen.’