Het verhaal van: Een consulent van MEE

Voorlezen

voorlezenVoor deze ouders is het opvoeden van kinderen niet zo makkelijk, moeder zelf is moeilijk lerend en vader dringt er bij mij op aan om hem overal in te betrekken, want ze begrijpt niet alles….

Dus ik heb gesprekken over de jongste zoon die een verstandelijke beperking heeft en op het zml onderwijs zit.

Moeder heeft ondertussen erg veel moeite met de oudere zus, ze wordt opstandig en zegt zelfs: ” ik haat mijn broertje. Jullie houden wel van hem maar niet van mij!” Dat doet moeder echt pijn en ze vraagt: ” Wil u niet eens met haar praten? Wij weten niet zo goed wat we kunnen doen.” Ik geef haar op voor de brusjes groep. Ondertussen ga ik op zoek naar een voorleesboek over een brusje met een handicap.

Boven in de MEE bieb ligt ‘De prins op de praalwagen’ van Ina de Vries-van der Lichte, over een jongen die een gehandicapt zusje heeft en dat helemaal niet leuk vindt. Ik besluit het voor te lezen. Maar de eerste keer is het zusje helemaal van slag. Ze wil niet met een vreemde mevrouw praten en waarom moet dat nou! Ik zeg: ik ga je een verhaal voorlezen, wil je dat wel? En ja hoor, gaandeweg het verhaal vertelt ze steeds meer over haar broertje en waar ze last van heeft. Als het boek uit is, vraagt ze of ze het even mag houden, ze wil er een boekverslag van maken. Dat vind ik prima en als ik het weer op kom halen vertelt ze het volgende:

‘Ik heb uit mijn hoofd een boekverslag gemaakt en de juf heeft gevraagd of ik er een presentatie over wilde houden. Ik vertelde waar het boek over ging en over mijn eigen broertje, de klas was muisstil, niemand praatte! De juf zei dat ze diep onder de indruk was van het verhaal en ik kreeg een 10.’

Heeft het je geholpen om anders met je broertje om te gaan? vroeg ik en dat had het zeker!

‘Ik begrijp nu veel beter dat hij er niets aan kan doen en dat het voor mijn ouders ook moeilijk is om voor hem te zorgen. Ik weet dat ze van mij houden en gewoon hun best doen, dat doe ik nu ook, net als die jongen in het verhaal…’

Een consulent van MEE

 

Lees meer...
Het verhaal van: Chadrick

Een overzichtelijkere wereld

Een overzichtelijkere wereldChadrick is 8 jaar. Hij heeft een vorm van autisme. Dat zorgde voor ernstige gedragsproblemen. Zijn ouders liepen vast in de opvoeding. Ook op school ging het niet goed. De GGD zette het gezin op het spoor van cliëntondersteuning. Toen bleek dat er ook nog andere problemen thuis waren, zoals schulden.

Moeder van Chadrick: ‘Voordat Jan-Peter, onze cliëntondersteuner, kwam, hebben we andere hulp gehad om er met Chadrick uit te komen. Dat is niet gelukt. Na een aantal testen verwees de GGD ons naar Jan-Peter.’ Vader van Chadrick: ‘We weten nu wat er met Chadrick aan de hand is. We hebben geleerd om op een andere, betere manier met het gedrag van Chadrick om te gaan en te kijken naar wat hij nodig heeft. Nu kunnen we verder.’

De ouders geven bij cliëntondersteuner Jan-Peter aan dat ze het moeilijk vinden om Chadrick te sturen en aan te spreken op zijn gedrag. Er zijn regelmatig conflicten. Ook maken veranderingen binnen de school, gebrek aan structuur en onduidelijkheden dat Chadrick onrustig is in de klas. De communicatie tussen de ouders en school verloopt moeizaam. Dit drukt allemaal op het gezin en de relatie. Chadrick wordt getest en het blijkt dat hij een vorm van autisme heeft. De diagnose verklaart deels het gedrag van Chadrick. Samen met Chadrick, zijn ouders en school bekijkt Jan-Peter de verschillende mogelijkheden om de wereld voor Chadrick overzichtelijker te maken. Voor de school helpt de informatie en uitleg die Jan-Peter geeft over autisme en gedragsproblemen enorm. Hierdoor ontstaat ook meer begrip tussen ouders en de school.

Jan-Peter, cliëntondersteuner van Chadrick en zijn ouders: ‘Ik adviseerde de leerkrachten om Chadrick een duidelijke, korte opdracht te geven en pas als die klaar is, een nieuwe opdracht te geven. Zo weet Chadrick waar hij aan toe is. Dat is een goede manier om Chadrick meer structuur te geven. Een opdracht als ‘Ga maar rekenen’ overziet hij niet.’ Jan-Peter werkt samen met de ouders aan het vinden van handvatten om zo goed mogelijk te anticiperen op het gedrag van Chadrick. Zowel de ouders als Chadrick zelf denken goed mee. Als iets niet werkt, kan Chadrick over het algemeen goed aangeven waarom. Ook wordt er zoveel mogelijk rust binnen het gezin gecreëerd, zodat er minder spanningen zijn en Chadrick de aandacht krijgt die hij nodig heeft.

Tijdens een van de gesprekken met de ouders vraagt Jan-Peter door. Het blijkt dat er schulden zijn en de omgang met het budgetbeheer via de gemeente verloopt niet zo soepel. Mede daardoor liepen de spanningen binnen het gezin op. Jan-Peter schakelt een collega uit het Sociaal Team in. Moeder: ‘Jan-Peter voelde onze stress en overbelasting aan. Hij regelde vanuit het sociaal team iemand die ons kon helpen met onze financiën en die kon helpen onze administratie weer op orde te krijgen. Dat gaat nu veel beter.’

Bij het gezin zijn verschillende instanties en samenwerkingspartners betrokken. De kracht van de samenwerking zijn de korte lijnen, vaste contactpersonen en duidelijke afspraken; dit leidt snel tot resultaat. Jan-Peter: ‘Bij dit gezin zijn onder meer het GKB, het CJG, de school en bewindvoering betrokken. Naast de individuele ondersteuning die ik bied, is mijn rol ook ervoor zorgen dat alle partijen hun werk doen voor het gezin. Ik hou daarin een ‘vinger aan de pols’. Ik onderhoud dus ook de contacten met de verschillende partijen, vraag of alles goed loopt en geef antwoorden op hun vragen, zodat alles zo probleemloos mogelijk verloopt.’

Door rust en ruimte te scheppen ontstaat er ruimte voor het gezin om weer vanuit hun eigen kracht zaken op te pakken. De kracht van het gezin is dat de ouders goed kunnen aangeven wat er aan de hand is. Jan-Peter: ‘Het gezin pakt steeds meer zelf op. De ouders proberen eerst zelf te bellen met instanties. Als ze er niet uitkomen, dan kunnen wij hen bijstaan. Er is veel minder stress in het gezin. We zien dat iedereen steeds meer in hun eigen kracht komt te staan. Iedereen groeit en ontwikkelt zich. Ze doen steeds meer zelf en er ontstaat meer ruimte voor andere dingen.’ Vader: ‘Jan-Peter is heel belangrijk voor ons geweest. In onze thuissituatie maar ook in de gesprekken met de school. We hebben nu veel meer rust. Jan-Peter heeft de diagnose in gang gezet. We weten nu wat er met Chadrick aan de hand is. Dankzij de ondersteuning van Jan-Peter hebben we geleerd hoe we met Chadrick om kunnen gaan en weten we wat hij nodig heeft. Nu kunnen we verder.’

Lees meer...